U bent hier: Doctoral School Humanities & Social Sciences Impulsfinanciering Humane Wetenschappen Oproep 2009 en Procedure

Impulsfinanciering Humane Wetenschappen Oproep 2009 en Procedure

Situering

De groep Humane Wetenschappen richt een oproep tot al het ZAP van de groep Humane Wetenschappen voor het indienen van een initiatief in het kader van de ‘impulsfinanciering’. Humane Wetenschappen heeft hiervoor 2.550.000 euro (1.820.000 euro defiscalisatiemiddelen en 730.000 euro specifieke middelen) ter beschikking voor een periode van 7 jaar, te verdelen over 3 categorieën van initiatieven: ‘nieuwe initiatieven’, ‘gevestigde initiatieven’ en ‘initiatieven tot groepsoverschrijdende samenwerking’. Per goedgekeurd initiatief kan maximaal 500.000 euro toegekend worden als eenmalige financiering voor een periode van 4 tot 7 jaar.

Concept

Het doel van de impulsfinanciering is het versterken van het onderzoek in strategisch belangrijke en toekomstgerichte onderzoeksdomeinen door het benutten van mogelijke synergie binnen lopend onderzoek van een internationaal hoog niveau. De impulsfinanciering moet resulteren in een duurzame interdisciplinaire samenwerking. De onderzoekers moeten aantonen ook in de toekomst verder samen onderzoek over het thema te verrichten, en dit op basis van middelen die op competitieve basis verworven worden.

Financiering

De financiering is in hoofdzaak bedoeld voor werkingskosten en personeelskosten. Inzake personeel zijn diverse mandaten mogelijk, maar mandaten die leiden tot een doctoraat genieten de voorkeur.

Duur

De duur is in principe 4 jaar, maar kan binnen de budgettaire marges in het voorstel gespreid worden over maximaal 7 jaar.

Voorwaarden, criteria en beperkingen

  • Algemeen

    • Promotor en copromotoren moeten voldoen aan de bepalingen onder de algemene informatie van de BOF-richtlijnen.
    • De aanvragers hebben een uitstekende onderzoeksverdienste (aan te tonen door publicatierecord, verworven projectfinanciering, afgeleverde doctoraten,...).
    • Het voorstel moet als onderzoeksprogramma (niet zozeer projectonderzoek) uitgewerkt worden met duidelijke indicaties van de interdisciplinariteit.
    • De verwachte resultaten van het voorstel dienen zich te vertalen in meetbare wetenschappelijke output (publicaties, doctoraten, nieuwe financieringsaanvragen, deelname aan internationale fora,....).
    • Het voorstel moet bijdragen tot de internationalisering van het onderzoeksdomein en de betrokken onderzoekscentra.
    • Betrokkenheid van de associatiepartners kan als een meerwaarde beschouwd worden.
    • Maatschappelijke relevantie kan ook als een meerwaarde beschouwd worden.
  • Specifieke criteria voor de categorie 'nieuwe initiatieven' en 'initiatieven tot groepsoverschrijdende samenwerking

    • ‘Nieuwe initiatieven’ en ‘initiatieven tot groepsoverschrijdende samenwerking’ zijn bedoeld voor de uitbouw van een nieuwe onderzoekslijn in de samenwerking tussen verschillende onderzoekers (eventueel uit verschillende groepen van de K.U.Leuven).
    • Onderzoekslijnen en onderzoekstopics die in het verleden reeds gefinancierd zijn door impulsfinanciering komen niet meer in aanmerking voor financiering onder deze vorm.
    • Voorstellen in deze categorie zijn er op gericht om na een peridode van 4 jaar duurzaam op eigen kracht en met zelf verworven middelen verder te werken. Het kan niet gaan om een eenmalig initiatief naar aanleiding van de impulsfinanciering. Er moet een zeker engagement naar de toekomst aangegaan worden.
    • De onderzoekslijnen zijn gericht op thema's met een duidelijk internationaal perspectief of belang waarbij de K.U.Leuven (voorlopig) nog niet of onvoldoende op de kaart staat.
  • Specifieke criteria voor de categorie 'gevestigde initiatieven'

    • De aanvragende onderzoekers moeten kunnen aantonen dat ze reeds minstens 10 jaar internationaal toonaangevend onderzoek doen. De onderzoeksprestaties van de voorbije jaren zijn hierbij cruciaal.
    • De aanvragers dienen aan te geven hoe door de impulsfinanciering de prestaties en de internationale positionering nog versterkt kunnen worden, waardoor de kansen in andere financieringskanalen aanzienlijk zullen verhogen.

Procedure

  • De intentieverklaringen moeten uiterlijk 4 januari 2010 ingediend worden bij de Doctoral School van de Groep Humane Wetenschappen, Blijde-Inkomststraat 5;
    doctschool@ghum.kuleuven.be - download het formulier >hier
  • De beleidsgroep van de Doctoral School kijkt in eerste instantie na of aan de basisvoorwaarden is voldaan. Zij brengt hierover in haar vergadering van 19 januari advies uit aan het Groepsbestuur.
  • Het Groepsbestuur beslist in haar vergadering van 28 januari voor welke intentieaanvragen een volledige aanvraag uitgewerkt mag worden.
  • Deze uitgewerkte aanvragen worden uiterlijk 15 maart 2010 ingediend bij de onderzoeksraad.
  • De onderzoeksraad (of een daarvoor aangestelde subcommissie) vormt zich een oordeel over het wetenschappeijk basispotentieel van de deelnemende groepen en de mate waarin het voorstel aan het concept van impulsfinanciering beantwoordt, en meer in het bijzonder:
    • de kwaliteit van de aanvraag: zowel inzake inhoud als methodologie.
    • de synergie tussen de betrokken partners: verwijst naar een daadwerkelijke samenwerking en krachtenbundeling.
    • de potentie tot het versterking van de internationale positie.
  • De onderzoeksraad bezorgt ten laatste eind mei haar advies over de ingediende voorstellen aan het Groepsbestuur.
  • In zijn vergadering van 10 juni beslist het Groepsbestuur over de toewijzing van financiering aan de voorgestelde initiatieven.
  • De beslissing van het Groepsbestuur wordt ter bekrachtiging voorgelegd aan de Academische Raad van 5 juli 2010.
  • De impulsfinanciering neemt een aanvang op 1 oktober 2010.

Indienen van aanvragen

De aanvraag dient in het Engels te worden geschreven en moet hoofdzakelijk de volgende thema's bevatten:

  • Identificatie van de deelnemende onderzoekers en onderzoeksgroepen;
  • De inhoud van het geplande onderzoeksprogramma;
  • De manier van samenwerken en de werkverdeling;
  • Motivering van de coalitie (o.m. complementariteit deelnemende onderzoekers);
  • Wijze van tegemoetkoming aan de omschrijving van het concept met aanduiding van de categorie waarvoor men in aanmerking wenst te komen.

Terugkoppeling

Alle aanvragers worden uitgenodigd voor een mondelinge terugkoppeling over de bespreking van de aanvraag (onder voorbehoud van een bekrachtiging door de Academische Raad en Raad van Bestuur). De officiële beslissing wordt zo snel mogelijk schriftelijk meegedeeld.

Rapportering

Op het einde van het eerste jaar moet aan de Onderzoeksraad gerapporteerd worden onder de vorm van een opstartverslag, na het tweede jaar met een tussentijds verslag en op het einde van het vierde/zevende jaar (eindverslag).

Volgende elementen moeten aan bod komen in het opstartverlsag (max. 2 pagina's):

  • Precisering van de taakverdeling in het onderzoeksprogramma;
  • Melding van wie aangeworven werd en onder welk statuut;
  • De reeds uitgevoerde onderzoeksactiviteiten

In het tussentijds verslag en eindverslag rapporteert men over de wetenschappelijke vorderingen van het onderzoeksprogramma en de wetenschappelijke output.
Tevens zal er op regelmatige basis aan het groepsbestuur een toelichting over de resultaten worden gegeven (informeel, niet evaluatief).

Contact

Vooraanvraag: Prof. Dr. Pol Ghesquière (onderzoeksdirecteur HW)

Aanvraag: Veerle Bruggeman (DOC) en Gerard Cielen (DOC)